|
De Kapel van Oetersloven
De Kapel van Oetersloven is toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw van Zeven Smarten. Het is een barokke bedevaartskapel uit de 17de eeuw. De religieuze geschiedenis van deze plek startte echter diverse eeuwen eerder. Niet zo lang geleden was eer aan de kapel een kluis aan verbonden. En nu is het een bevallig plekje en een adempauze in het hartje van het afgelegen gehucht Oetersloven. Midden in het fruitig plateaulandschap tussen Wellen, Berlingen, Ulbeek en Hoepertingen.
De buitenarchitectuur De huidige Mariakapel dateert uit de 17de eeuw en leunt in architecturaal opzicht aan bij de barok. Tegen de koorsluiting hangt weliswaar overluifeld maar niettemin een laat-gotisch kruisbeeld blootgesteld aan weer en wind. In het chronogram boven de deur “o gY sChoonste Der VroUWen, sMeekt Voor aLLe ChrIstenen” is het jaartal 1827 benadrukt.
Interieur binnen De laat-barokke zitbanken dateren uit de 18de eeuw. De blikvanger is het decor van het “neobarokke” hoofdaltaar is een gotische pieta, een gepolychromeerd beeld uit 1432. Het Mariabeeld visualiseert één van Maria’s zeven “smarten”nl. de voorstelling van een bedroefde Maria met een dode lichaam van haar zoon Jezus op de schoot.
Er zijn echter meerdere betekenissen van de naam Oetersloven. In het huidige taalgebruik bestaan zowel de toponiemen Oetsloven als Oetersloven. In ouden acte van het land Loon is er sprake van “Oetersloe, Oetersloo”. Het suffix “lo” betekend zoals in Borgloon, “beboste heuvel”. De logische verklaring zou dan zijn “koepelbosje van Oeter”. Dit zou kunnen kloppen omdat Oetersloven deel uitmaakt van een plateau. Het is namelijk het hoogste plekje (+83m) van de fusiegemeente Wellen. Er is ook een ander hypothese dat meer aanleunt bij de klassieke interpretatie. Het zou kunnen dat het aansluit bij de betekenis van bijvoorbeeld andere nederzettingen in de buurt zoals Guigoven, Kuttekoven, Bommershoven,…Deze zijn namelijk afgeleid van een Frankische grootgrondbezitter. “Oeters-hoven” zou dan duiden op de “hoeve, landerijen en bezittingen van Oeter. Waarschijnlijk voor 1187 liet de toenmalige heer in de kronieken een niet nader genoemde ridder in het hooggelegen gehucht Oetersloven een gebedshuis bouwen. De ridder zou alvast aan de kruistochten naar het Heilige Land hebben deelgenomen. In het begin van de 13de eeuw werd het gebedshuis toevertrouwd aan het opgerichte klooster van sepulchrijnen (de orde van het heilige graf) te Wimmertingen. Nadat in 1423 het gebedshuis werd toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw van Zeven Smarten was Oetersloven een ononderbroken bedevaartplaats ter ere van Maria. De kapel van Oetersloven bleef tot aan het einde van het Ancien Régime het eigendom van de kanunnikessen ( dezelfde orde als dat van het Heilig Graf te Henegouw-Hasselt) In 18de en 19de eeuw was er aan de kapel van Oetersloven ook een kluis aan verbonden. Pierre Hofmeesters is de oudst gekende kluizenaar en eremijt. De eremijten hielden zich bezig met het onderhoud van de kapel, de opvang van de pelgrims en het onderricht van de plaatselijke jeugd. De voornaamste bron waren de giften van de welstellende bedevaarders. In 1796 werden de kapel en het aanpalend weiland eigendom van het Bureel van Weldadigheid van Borgloon. In het begin van de 19de eeuw knoopte men terug naar de bedevaartstraditie van weleer. Kort nadat de laatst kluizenaar in 1894 stierf werd de kluis gesloopt. Ook nu nog op 1 mei, komen er nog steeds honderden mensen uit omliggende dorpen jaarlijks naar deze kapel. Ter gelegenheid van de decanale gezinsbedevaart die in 1956 voor het eerst georganiseerd werd. Op die dag word er een H. Mis opgedragen in openlucht. Ook kun je er zowel zaterdag- als zondagavond terecht om 18 uur om een mis bij te wonen. De kapel straalt nog steeds een spontane uitnodiging, een moment van stilte en bezinning uit…
|